• De Joegoslavische luchtmacht spoorde Amerikaanse stealth vliegtuigen op met behulp van oude langegolfradar uit de Sovjet-Unie. In combinatie met het verschijnsel dat de kenmerken van de stealth verdwijnen als de toestellen nat worden of hun bomenluiken openen waren zij op de radarschermen herkenbaar als autobussen.

  • De Joegoslavische radar bracht precisieraketten als Harm en Alarm in de war door hun elektromagnetische stralen te laten weerkaatsen op zware landbouwmachines als ploegen en oude tractoren die rond de radarposten waren neergezet. Het besturingssysteem van de raketten was niet in staat de bron te identificeren en raakte van slag.

  • Verkenningshelicopters landen op platte wagens en lieten de motor even flink draaien even flink draaien alvorens naar enkele honderden meters verder gelegen, gecamoufleerde alvorens ze naar de opslagplaatsen werden gereden. De hittezoekende raketten uit de NAVO-vliegtuigen richten zich vervolgens op de hitte die nog geruime tijd op de landingsplaats bleef hangen.

  • De Joegoslavische troepen gebruikten goedkope hitteafgevende lokmiddelen, zoals gaskacheltjes, om niet-bestaande stellingen te simuleren in de bergen van Kosovo. B-52 bommenwerpers, uitgerust met geavanceerde infraroodsensoren, bestookten regelmatig lege heuvels.

  • Het leger smeedde plannen om verborgen hitte- en microgolfbronnen te plaatsen in gebieden die bij een grondoorlog waarschijnlijk door de NAVO zouden worden bezet. De bedoeling was dat de B-52’s hun eigen troepen zouden bombarderen.

  • Er werden tientallen namaak objecten, waaronder bruggen en vliegvelden, in het landschap geplaatst. Sommige waren zo goed gemaakt dat de NAVO op zeker moment beweerde de Joegoslavische luchtmacht te hebben gedecimeerd. Na de oorlog bleek echter dat de meeste Joegoslavische vliegtuigen nog geen krasje hadden opgelopen.

  • Van landbouwplastic, oude banden en blokken hout werden tanks nagebouwd. De hitte van de motor werd nagebootst door zand en brandstof in emmers te scheppen en aan te steken. Honderden van deze loktanks werden beschoten, wat ook in dit geval veel te hoge claims van de NAVO tot gevolg had.

  • Bruggen en andere strategische doelen werden tegen lasergestuurde raketten beschermd door autobanden en nat hooi in brand te steken. De dikke rook die daarbij ontstaat bevat deeltjes waarop de laser afketst.

  • Amerikaanse bommen met GPS bleken kwetsbaar voor ouderwetse stoorzenders, die hun contact met de satellieten onderbraken.

  • Hoewel de NAVO het luchtruim boven Kosovo beheerste, voerden Joegoslavische straaljagers gevechtsvluchten uit boven Kosovo. Door  zeer laag te vliegen en gebruik te maken van de bescherming die het terrein biedt wisten zij onzichtbaar te blijven voor AWACS, vliegende radarstations.

  • Wapens die in Afghanistan goede diensten bewezen, Predator verkenningsvliegtuigjes, Apache-helicopters, C-130-Hercules gevechtstoestellen bleken in Kosovo ondoelmatig. De onbemande Predators vormden makkelijke doelwitten voor het uit de jaren ’40 daterende HispanoSuiza luchtdoelgeschut en de C-130’s en Apaches werden niet eens ingezet omdat ze te kwetsbaar werden geacht