Amerikanen worstelen met wederopbouw Irak

 

 

Het schijnbare gemak waarmee de Britten en de Amerikanen het regime van Saddam Hussein verdreven, contrasteert op pijnlijke wijze met de moeizame wederopbouw na de oorlog. Veel Irakezen zijn blij dat Saddam is verdwenen, maar klagen steen en been over de onveiligheid, de gebrekkige stroomvoorziening en het vaak arrogante optreden van de bezettingstroepen.

Amerikaanse militairen in IrakHet is duidelijk dat de Amerikanen zich danig hebben verkeken op de taak die hun in Irak wacht. Washington ontkent overigens dat ze niet goed voorbereid waren. "We hadden wel degelijk een plan, maar zoals elke legerofficier je kan vertellen: geen enkel plan overleeft de eerste confrontatie met de werkelijkheid", aldus de Amerikaanse onderminister van Defensie, Wolfowitz, een van de drijvende krachten achter de oorlog.

Wolfowitz geeft wel toe dat er fouten zijn gemaakt. De grootste was wel dat de VS het verzet tegen de Amerikaanse bezetting heeft onderschat. Bijna dagelijks komen er in Irak Amerikaanse soldaten om bij aanslagen door leden van Saddams Fedayeen en leden van de voormalige Republikeinse Garde.

Washington deed de aanvallen aanvankelijk af als de laatste stuiptrekkingen van het regime. Maar de nieuwe commandant van het Centrale Commando in Qatar, generaal Abizaid, heeft inmiddels toegegeven dat er wel degelijk sprake is van een echte guerrillacampagne.

Irakezen eisen een stem in het bestuur van het landOok erkent de VS dat het de hulp van anderen nodig heeft om de klus in Irak te klaren, al was het maar omdat de blijvende aanwezigheid van honderdduizenden troepen in Irak handenvol geld kost.

Nederland, Polen, Italië en Spanje hebben hun medewerking inmiddels toegezegd, maar landen als Duitsland, Frankrijk en Rusland zijn daartoe alleen bereid als er een sterk VN-mandaat komt voor de missie. Washington, in een opvallende koerswijziging na het assertieve unilateralisme van voor de oorlog, heeft daar wel oren naar.

Democratie
Niet alleen de veiligheid is een groot probleem, ook de opbouw van een nieuw democratische bewind in Irak verloopt moeizaam. Dat blijkt al in de eerste weken na de val van Bagdad. De Amerikaanse oud-generaal Jay Garner, door minister Rumsfeld van Defensie aangewezen om het nieuwe bestuur van Irak op te zetten, moet kort na zijn benoeming het veld ruimen omdat hij onvoldoende grip krijgt op de chaos in het land.

Paul Bremer IIIOp 6 mei, in dezelfde week dat, naar later blijkt nogal voorbarig, president Bush de oorlog definitief voorbij verklaart, wordt hij vervangen door de diplomaat Paul Bremer III. Die gaat voortvarender te werk dan zijn voorganger. Hij vervangt een groot deel van het Iraakse bestuur en ontbindt de Baath-partij van de voormalige dictator.

Korte tijd later heft de VN de sancties op tegen Irak. Daardoor kan Irak weer olie verkopen en de opbrengsten gebruiken voor de wederopbouw. Maar het overleg over het toekomstige Iraakse bestuur verloopt moeizaam.

Toch komt er in de zomer enige schot in de zaak. De eerste oliedollars stromen binnen, een handelsbank moet helpen de financiële infrastructuur te herstellen. De Amerikanen schrijven een opdracht uit voor de bouw van een netwerk van mobiele telefonie.

De eindelijk gevormde interim-regeringsraad gaat eveneens van start. Ze bestaat uit 25 leden, die alle religieuze en etnische bevolkingsgroepen van Irak vertegenwoordigen. Onder hen is ook Achmed Chalabi, aanvankelijk door de Amerikanen naar voren geschoven als leider van het nieuwe Irak, maar omstreden vanwege zijn verleden en zijn langdurige verblijf in het buitenland.

Eerste voorzitter van de raad, zeg maar de eerste president van het naoorlogse Irak, is de sji'itische arts Ibrahim al-Jaafari van de fundamentalistische Dawapartij. Hij blijft dat maar voor één maand. Omdat de raad verdeeld is over wie president moet worden, besluit ze tot een roulerend voorzitterschap.

Eén van de eerste besluiten van de raad is de instelling van een tribunaal voor oorlogsmisdadigers. Verder gaat de raad, die wel verantwoording moet afleggen aan Bremer, een nieuwe grondwet opstellen en vrije verkiezingen voorbereiden. Volgens Bremer kunnen die in 2004 plaatsvinden.

Bron: nos